Treffers 27,151 t/m 27,200 van 27,956
| # | Aantekeningen | Verbonden met |
|---|---|---|
| 27151 | Overledene Adriaan de Riemer Plaats Rotterdam Datum begraven 20-12-1643 Begraaflocatie Hoofdsteeg Bron DTB Rotterdam Registers overledenen Weeskamer | de Riemer, Adriaen (I16908)
|
| 27152 | Overledene Suzanna Reijnen , leeftijd 16 mnd Vader Jan Reijnen Moeder Wilhelmina Rietveld Plaats Berkel en Rodenrijs Datum overlijden 26-10-1918 Geboorteplaats Berkel en Rodenrijs Bron Berkel en Rodenrijs 1918 36 | Reijnen, Suzanna (I18034)
|
| 27153 | Overledene Petrus van Waalwijk?????????????????????? Plaats Leiden Datum begraven 15-02-1800 Opmerkingen NB. Datum is registratiedatum! Adres Haven Begraafplaats Leiderdorp DTB Leiden Begraven buiten Leiden , folio Inv.nr. 2068 | van Waalwijk, Petrus (I12455)
|
| 27154 | Overledene Neeltje de Boom Overlijdensdatum: 22-01-1813 Leeftijd: 36 Overlijdensplaats: Lekkerkerk Vader Cornelis de Boom Moeder Lijntje Neeven Partner Willem Barendszn de Gruijter Relatie: Echtgenote | de Boom, Neeltje Cornelis (I562)
|
| 27155 | Overledene: Maria Cornelia van Es Vader: Cornelis Jacob van Es Moeder: Maria Paauw Overlijdensdatum: 07-08-1846 Overlijdensplaats: Rotterdam Aktedatum: 01-01-1846 Akteplaats: Rotterdam Toegangsnummer: 999-09 Burgerlijke Stand Rotterdam, overlijdensakten Inventarisnummer: 1846B [Aanvraagfuncties niet beschikbaar. ] Folionummer: b222v Aktenummer: 1846.1825 | van Es, Maria Cornelia (I24242)
|
| 27156 | Overledene: Isabelle Francoise Jeanne Bellemine van Weelderen (Vrouw) Plaats (residentie,afdeling): (Molukse Eilanden,Amboina) Datum: 03-06-1851 Opmerking(en): Bijregister: RA jaar/bladzij: 1852/474 ç | van Weelderen, Isabelle Françoise Jeanne Belleminne (I22816)
|
| 27157 | Overledene: Suzanna Boekhoud (Vrouw) Plaats: Batavia Datum: 10-03-1864 Opmerking(en): Bijregister: RA jaar/bladzij: 1865/79 | Boekhoud, Zuzanna (I22883)
|
| 27158 | Overlijden 27-12-1837 Hoorn gem. Wedde Overledene Geert Gerhardus Nieborg Geslacht m Leeftijd 71 jaar Geboorteplaats Relatie Geesje Hiskes Harberts Relatietype echtgenoot/echtgenote Bron Overlijdensregister Wedde 1837 Aktenummer 31 | Nieborg, Geert Gerhardus (I10858)
|
| 27159 | overlijden 09-11-1969 te Andernach vlgs Gerda Noorlander - members.ziggo.nl/gerda.noorlander/Stamboom%20Noorlander.html (website niet meer volledig terug te vinden) | Noorland, Gerritje (I10464)
|
| 27160 | overlijden op zelfde dag als dochter Dingena https://hdl.handle.net/21.12113/A5CFF0878F794545BB7E1392BCB6D08C | Polli, Cornelis (I15928)
|
| 27161 | overlijden op zelfde dag als haar vader https://hdl.handle.net/21.12113/BC442D5BD6184D7FBA9F32AF7FF02472 | Pollie, Dina (I15926)
|
| 27162 | overlijden vermeld bij huwelijksaantekening https://www.nationaalarchief.nl/onderzoeken/archief/3.04.16.099/invnr/0/file/NL-HaNA_3.04.16.099_0_0071 | Verleck, Maeijken Jacobsdr (I28102)
|
| 27163 | overlijden Verrijk | Gerrijk, Aartje Ariens (I15287)
|
| 27164 | overlijden Westmaas 03-03-1799???????????, kan bron niet vinden | van der Hoek, Jan Pietersz (I23276)
|
| 27165 | overlijden Westmaas 15-05-1752???????????, kan bron niet vinden | Wuijster, Ingetje Aarts (I19290)
|
| 27166 | Overlijden: 07-07-1806 Sauwert Begraven: Sauwert Geregistreerd: Sauwert Overledene Jannes Jans de Waaij, weduwnaar van Aaltje Lammerts Geslacht m Leeftijd 62 jaar Relatie Martjen Jans Bron Aangegeven lijken Kerkelijke gemeente - Wetsinge en Sauwerd 1806-1811 Collectie DTB (toegang 124) Inventarisnummer 536, folio 14 | de Waaij, Jan Jans (I10845)
|
| 27167 | overlijdensdatum genoemd bij doopinschrijving | Buijt, Neeltje Ariens (I28110)
|
| 27168 | overlijdensdatum genoemd in de huwelijksakte van zijn dochter Jantje Jans Magrie https://proxy.archieven.nl/20/D5767F1BB7864C20BEDC92A3119998CA | Magrie, Jan (I26225)
|
| 27169 | overlijdenskaart Dirk Kuikenga (1908-1978) | Kuikenga, Dirk (I3206)
|
| 27170 | overlijdensplaats Dennenoord (Zuidlaren) http://alledrenten.nl/akte/hindrik-kremer/77de58c6-dc95-405a-bbb0-40f348b6b787 | Kremer, Hindrik (I20029)
|
| 27171 | overluid ’s-Gravenhage 14 april 1564 | de Beauvoir, Anna Hendricxsdr (I17660)
|
| 27172 | ovl. voor 1640 op reis naar Oost Indie | Barentsz, Pieter (I26542)
|
| 27173 | P.A. Christiaans, Registrum matrimoniale Ecclesiae Romano Catholica in Campo Weltevreden propre Bataviam in insula Java 1809-1828 (De Indische Navorscher 1999) Matrimonio juncti sunt die 4 ta Februarii 1821 Hermanus van Lingen et Francoise Lonpré Testibus: Abraham van Harencarspel et Rosalia Schateman | Gezin: Hermanus van Lingen / Maria Françoise Longpré (F2136)
|
| 27174 | pachter van de impost op het gemaal over de gehele Alblasserwaard (1676) samen met zijn neef Leendert Cornelisz en zijn zwager Nicolaas van Echten | Meelhooft (alias Molenaar), Jan Gerritsz (I21206)
|
| 27175 | Padangsch nieuws- en advertentieblad 18-01-1962 https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010228758:mpeg21:a0008 | Micola von Fürstenrecht, Rocina Louisa (I3626)
|
| 27176 | padi, katjang, thee, klappers en kruidnagelen Verpondingswaarde 154.000 gld Inwoners 3070 Bouws 4087 | Micola, Johannes (I3619)
|
| 27177 | Palembang - 1852 https://www.defensie.nl/onderwerpen/onderscheidingen/dapperheidsonderscheidingen/databank-dapperheidsonderscheidingen | Schlüter, Ferdinandus Rodolphus Carolus (I12537)
|
| 27178 | Palembang - Goemeij Oeloe op 4 tot en met 8 april 1857 https://www.defensie.nl/onderwerpen/onderscheidingen/dapperheidsonderscheidingen/databank-dapperheidsonderscheidingen | Schlüter, Lodewijk Alexander (I13608)
|
| 27179 | parentatie onzeker, op basis plaats overlijden vader. | Guldenaar, Wilhelmina Rosalina (I33957)
|
| 27180 | parentatie onzeker, op basis plaats overlijden vader. | Guldenaar, Anna Louisa (I33958)
|
| 27181 | Particulier, wonende t Middelharnis verklaarde genoegen te nemen met de ontvangts en uitgaaf van boedelrekening van wijlen Cathalina Verdoes, akte 08-04-1814, hij kocht uit de boedel een zilveren snuifdoos voor 5 gulden. | van Gent, Joost Jacobse (I19339)
|
| 27182 | pastor Johan Everard Meijer doopgetuigen: Christoffel Hendrik Kok, Sophia Schröders | Kok, Sophia (I8040)
|
| 27183 | patroniem ws Berents, gelet op vernoeming kinderen | Griete (I17979)
|
| 27184 | Pefer Roelofs van Merlen-, hij komt voor als schepen (1580 en 1581) en als burgemeester van Grave (1584) 9 ) , zowel als Peter Roelofs alleen, als als Peter van Merlaer en is in 1580 reeds gehuwd met Peterken (later Petronella) 'de Maugre. In een uitvoerige schepenacte van Grave van 3 Oct. 1580 compareren de verschillende erfgenamen in de erfenis van Lens van den Berch, n. l. Baltus van den Berch en Barbara van Steyn, zijn vrouw; Jan Gerrits brouwer en Johanna, zijn vrouw; de onmondige kinderen van Denis van Aken en Frensken dochter van wijlen jasper van Aken; de onmondige dochter van wijlen Jasper van den Berch; Peter van Merlaer en Peterken zijn vrouw , Wille m van Boidtsdorp als vader van zijn onmondige kinderen bij wijl e n Grietken van den Berch, en Valentijn du Bois en Geertruyt, zijn vrouw, en verkopen tezamen een rentebrief. Negen dagen later, n. l. 12 Oct. 1580, komt in een acte voor Peter Roelofs, (zonder familienaam), burgemeester, en Peterken, zijn vrouw; nog eens als burgemeester in 1584. Hoe haar familienaam was, blijkt uit enige acten voorkomende in het register van procuraties en certificaties van Willemstad, dl . 1635—1648, o.a. van 19 Aug. 1648, waarin genoemd worden Gabrielle van Merler, weduwe van de luitenant Matthijs van der Walle, en dochter van wijlen Peter Roelofs van Merler, in leven burgemeester van Grave en van wijlen Petronella de Maugre, en haar zuster Aeltken van Merler gehuwd met Ds. Johannes Celosse, predikant te Willemstad. Genoemde zusters Gabrielle en Aelken van Merler worden dan vermeld als erfgenamen van wijlen Frensken van Aecken, die erfgename was geweest van wijlen Lens van den Berge, in het Kuikse" ( Cuyk ) . Wanneer men nu weer de registers van Grave opslaat en de naam van Lens van den Berge (van den Berch) in het oog houdt, dan vindt men daar in 1563 een acte, waaruit blijkt, dat Lens van den Berch genaamd van der Horst, toen een overleden dochter Gabrielle had, die gehuwd was geweest met Pierson de Magre, bij wie 2 kinderen Jan en Peterken de Magre. Zodat de Gabrielle van Merler, die i n 1648 als weduwe te Willemstad woonde, tot grootouders had gehad Pierson de Ma(u)gre en Gabrielle van den Berch, en tot ouders Peter Roelofs van Merler en Peterken (Petronella) de Ma(u)gre. En dus evenzo haar zuster Aelken van Merler; opgemerkt wordt nog, dat in de acten te Willemstad deze zusters ook Van Merlaer en V an Merlen worden genoemd. | de Ma(u)gre, Petronella (I21655)
|
| 27185 | pensioen 1305 gld /jaar | van Lingen, Hermanus Johannes Lodewijk Joseph (I3394)
|
| 27186 | Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | van den Herik, Huig Cornelis (I31415)
|
| 27187 | Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | de Rijke, Jannetje Maria Cornelia (I31459)
|
| 27188 | Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | de Rijke, Maria Eleonora (I31458)
|
| 27189 | Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | van den Herik, Jan (I31416)
|
| 27190 | periode 27/7 - 9/8 https://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMMHW01:000997031:mpeg21:a00017 | van den Herik, Anthonie Jacobus (I31412)
|
| 27191 | Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | van den Herik, Maatje Willemijntje (I31413)
|
| 27192 | Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | de Rijke, Louise Maria (I31460)
|
| 27193 | persoonskaart Hendrik Raat (1889-1965) | de Meijïer, Juliette Frederika (I3565)
|
| 27194 | persoonskaart Luigui Cordesius (1885-1955) vermeldt 22 juni 1945 als huwelijksdatum | Gezin: Benjamin van Ginkel / Addy Stella Cordesius (F853)
|
| 27195 | Peter Geerlofsz Donck, j.m. uyt Meerkerk tr 1e procl. 25-7-1647 Meerkerk en tr. aldaar Maijken Aelberts, j.d. van Meerkerk, beijde aan de Bazeldijck tr. 2e tussen 1664-1671 Arichie Cornelis [Meerkerk RA.16 6-10-1692] tr. 2e Dirck Cornelis den Besten | Gezin: Peter Geerlofsz. Donck / Maijken Aelberts (F1435673890)
|
| 27196 | Pierre DOZIJ, greinreder, makelaar, wolverver, geboren 1644 te Valenciennes, gedoopt op 07‑02‑1644 te Valenciennes, overleden ca 1699 te Leiden. In 1668 poorter van Leiden en aangenomen in de Waalse kerk. Herkomst: Valenciennes. Borgg: Francois Dosy en Charles Dozy. Ondertrouwd op 29‑03‑1668 te Leiden (getuige(n): zijn broer Charel Dosij en haar bekende Jenne de la Peijne), gehuwd 1668 met Michelle Van MIERBEEK, geboren ca 1648 te Den Haag, overleden op 26‑11‑1698, dochter van Van MIERBEEK. | Dozij, Pierre (I13784)
|
| 27197 | Pierre was in het Staatse leger in dienst van het regiment Bosc de la Calmette als soldaat, korporaal en sergeant voor 12 jaar en 7 maanden. In zijn conduitestaat van 1801 staat dat hij niet goed van gedrag was. Op 26-11-1807 ging Pieter als kapitein van het 8e regiment infanterie met pensioen in Amsterdam (gld 800) Koning in de Bataafse Armee: de geschiedenis van de 2e halve brigade, Anton K.R. Waanders, 2007 | Mangnez, Pierre (I12439)
|
| 27198 | Pieter Dircksz. van Sonnevelt, geb. ca. 1580, overl. waarschijnlijk Maasland voor 1649,36 bouwman aid., leenman van 5V2 morgen land in Maasland, dat afkomstig was van zijn schoonvader en later in bezit kwam van Gerrit Jansz. Sonnevelt, tr. Sara Doensdr., dochter van Doe Steffensz. (Stevensz.), leenman te Maasland van 1591-1606. Sara woonde op 4-9-1653 bij de Noortdam van Maasland en liet haar testament maken toen zij ziek te bed lag. Haar zoon Doe en dochter Neeltgen zouden de rest van haar leven voor haar blijven zorgen en deze kinderen kregen hiervoor haar goederen en levende have.39 In dit testament worden haar kinderen 1-6 als erfgenamen aangewezen, de overige drie 7-9, worden hierin niet genoemd. Zeker is dat Leentgen (7) een dochter van Pieter is geweest." Mogelijk komen ze uit een eerder huwelijk van Pieter, waarvoor geen gegevens gevonden werden. | Gezin: Pieter Dircksz van Sonnevelt / Sara Doene (F1390389918)
|
| 27199 | Pieter Dircksz.; geboren ca.1455 (oud 60 jaar in 1515; 75 jaar in 1531), over leden 1533 te IJsselmonde. Op 25 mei 1548 verklaarde Henrick Aertsz., wonende in het ambacht van Oost-Barendrecht, dat "wijlen Pieter Dircxz. wonende int Oestambacht van IJsselmonde sijne huijsvrouwe vader sterff onlancx naede laetste groote Innudatie / te weten Int begunsel vand(en) Jaere XXXIIJ lestleden". Pieter Dircksz. wordt vermeld als landpoorter van Dordrecht, wonendte te IJssel- monde (1521-1526). Hij was gevestigd aan de Hordijk aldaar en vervulde er functies van heemraad in het ambacht van IJsselmonde (vanaf 1492), schout van West-IJsselmonde (1510,1514), hoogheemraad (1503-1518) en dijkgraaf van de vier polders van West-IJsselmonde (1520-1532). In de genealogie Verschoor, verschenen in de Nederlandsche Leeuw jrg.1974, wordt Pieter Dircksz. abusievelijk opgevoerd als een zoon van Dirck Jacobsz. (Verschoor); een filiatie waarvan inmiddels is aangetoond dat zij onjuist is. (OV 1996, p.330-334). Dat het geslacht Van Driel te IJsselmonde, Rotterdam en De Group teruggaat op Pieter Dircksz., blijkt indirect uit een rentebrief van 1543, gekocht door Cornelis Pieter Dircxz. van IJsselmonde van de thesaurier van keizer Karel V. Het dubbele patroniem dat in deze rentebrief vermeld wordt, toont ondubbelzinnig aan dat Cornelis Pietersz. een zoon moet zijn geweest van de hier behandelde Pieter Dircksz. Vader en zoon komen tezamen voor in een akte van 1529, waarin Pieter Dircxz.(...) van IJsselmonde een pachtcontract afsloot voor 24 (!) jaar voor "den Culck inden Hordijck omgaende van Cornelis Pieterszoons tuijn of tot onser Lieve Vrouwen huysken toe". Deze "culck" in de Hordijk lag ten zuidwesten van het punt waar de oude Smeetlandse dijk op de Hordijk aankwam, "tussen den dijck ende de weteringe". In de polderrekening van Nieuw-Reijerwaard over 1512 komt een betaling voor van 2 gulden door Pieter Dircxz. "van eenen worff". Helaas ontbreken de rekeningen over de periode 1513-1517, maar vanaf 1518 wordt een jaarlijkse betaling vermeld van 3 gulden door Cornelis Pieterss. "van ene worff": blijkbaar was de zoon zijn vader in de pacht "opgevolgd". In 1529 is sprake van "enen scpenenbrief omgaend van Piet(er) Dirckss mit sijne mede doenders van(de) gemeene lants willigen anden Hordijck". Deze wilgen, die blijkbaar een functie hadden ter versteviging van de Hordijk werden van 1530 tot 1532 door Pieter Dircksz. gepacht voor de niet onaanzienlijke som van 16 gulden per jaar. De gemenlands wilgen aan de Hordijk werden in 1534 gepacht door "Cornelis Pieterss. mit sijne mede gesellen"; opnieuw een aanwijzing dat Pieter Dircksz. en Conrlis Pietersz.vader en zoon waren! Uit diverseakten blijkt dat Pieter Dircksz. gevestigd was aan de Hordijk onder IJsselmonde. Vanaf 1497 betaalde hij jaarlijks aan de waarsman van de polder Nieuw-Reijerwaard een bedrag van 10 gulden "vandie putte aenden hordiick". Bij deze "put" moet wellicht gedacht worden aan een stuk laag gelegen weiland, dat bij hoog water werd gebruikt om overtollig water uit de boezem in te laten lopen. Overigens gaan de gedachten hierbij uit naar de "putte" bij de Hordijk die door Cornelis van Driel, de schoonvader van Pieter Dircksz., in 1448 was aangelegd in dc omgeving van de sluis. In de rekening van 1507/1508 werd Pieter Dircksz. niet langer genoemd als huurder van de put. Vanaf 1504 werd in de polderrekeningen van Nieuw-Reijerwaard melding gemaakt van een jaarlijkse betaling van 3 gulden door Pieter Dircxz. vanwege de huur "van den dick van Aert Heynen off tot onze vrouwen pad toe". Ook met deze "dick" werd zonder twijfel de Hordijk bedoeld: hieraan woonde immers ook voormelde Aert Heynen, de stamvader van een ander geslacht Van Driel. De pacht van een stuk dijk was blijkbaar goed bevallen, want de polderrekening van Nieuw-Reijerwaard uit 1507 vermeld een betaling van 16 gulden door Pieter Dirckz. "van den dijck an die noertsij". Overigens komen Pieter Dircksz. en Aert Heijnricsz. al eerder samen in een post voor en wel in de rekening van de rentmeester van het ambacht Ridderkerk over 1499/1502. Onder de ontvangsten van het Nieuweland van Ridderkerk is sprake van de pacht van "dat eerste block vande(n) Zwijndrecht(se) dijck af en(de) streckt tot Mar(tijn) Meusz. vier merg(en) toe en(de) hout XXVIJ merg (en) ghecoft Pieter Dijrckz. en(de) Aert Heij(n)ricz. om XIJ lb.". Ondanks zijn notabele positie in IJsselmonde droeg Pieter Dircksz. tot zijn steentje bij als de nood hoog was. In de rekening van de waarsman van West-IJsselmonde over de jaren 1508/1510 komt hij tweemaal voor in de (lange) lijst van personen die daggelden kregen omdat zij geholpen hadden "toen men den dijck met grote kracht houden moest": hij ontving vergoeding voor een bijdrage van vier, resp.twee da- gen. Op 28 en 29 augustus 1505 vond regeling plaats van een conflict betreffende de afwatering van het nieuwe land van IJsselmonde. Hierin stonden Floris Oem van Wijngaerden en Pieter Dircx, beiden als ingelanden van de nieuw bedijkte landen van het Oost- en Westambacht van IJsselmonde, tegenover de ingelanden van Reijerwaard, Charlois en Dirk Smeetsland. Onder de vertegenwoorditers van de andere partij werd nog een Pieter Dircksz. genoemd, en wel als "dijkheemraad in de heerlijkheid van Charloisland en Dirck Smeetgensland"! Er was dus sprake van twee personen met de naam Pieter Dircxz., waarbij de eerste vermoedelijk identiek is met Pieter Dircksz., grondheer van Charlois, en de twee Pieter Dircksz. wonende aan de Hordijk onder IJsselmonde. Op 10 januari 1511 werd door Pieter Dircxz., schout van IJsselmonde, bij het Hof van Holland een request ingediend in zijn zaak tegen de "vutegevers vanden land van Chaerlois". Hij diende dit verzoek in om een zekere "ghiselinge" te laten opheffen, die naar zijn mening onterecht was opgelegd. Wellicht hield deze beslaglegging verband met de processen die de "uitgevers" van Charlois voerden. Dit zou kunnen worden afgeleid uit een volmacht van 14 mei 1510, die mede werd ondertekend "bij mij Pieter Dirksz." Het is overigens niet onmogelijk dat deze ondertekenaar niet Pieter Dircksz. aan de Hordijk was, maar diens naamgenoot de "uitgever van land" of "grondheer" van Charlois, die vermoedelijk elders gevestigd was. Dat deze "grondheer" Pieter Dircksz. niet identiek is met Pieter Dircksz. aan de Hordijk blijkt opnieuw uit een akte van 3 augustus 1529. Op die datum waren in Rotterdam vergaderd de vertegenwoordiger van de grondheren van de nieuwe dijkage van de Hille(polder) in Charlois. Onder deze grondheren werden o.a. genoemd: Jacob Dircxz. uit naam van de weduwe van Mr. Frans Diricxzoon, Pieter Dircxz. als voogd van de weeskinderen van Mr. Frans Diricxz. voornoemd, "Pieter Dircxz. aenden Hortdijck", en Cornelis Dirck Jacobsz. Er werd dus duidelijk onderscheid gemaakt tussen Pieter Dircxz. (zoon van Dirck Jacobsz., grondheer van Charlois), die in deze akte vermeld werd als voogd van de weeskinderen van zijn broer Frans, en de als tweede genoemde Pieter Dircksz., wonende aan de Hordijk. Opmerkelijk is dat Pieter Dircxz., wonende aan de Hordijk, in de laatstgenoemde akte wel genoemd werd onder de "grontheeren ende geerffden vander nieuwe dijckagien vande Hille in Charlois" en hierin voor 1/20 deel gerechtigd was. Uit het kohier van de 10e penning van Charlois uit 1543 blijkt, dat de Hillepolder ongeveer 240 mogen groot was, wat betekent dat de portie van Pieter Dircksz. ca. 12 morgen was. In 1543 werden als gebrukkers of eigenaars van land in de Hillen vermeld: Jan Heindricxz.(2,5 morgen), Lenaert Pietersz. (14 morgen), Aert Heindricxz. (2,5 morgen), Neel Dircx (9 morgen) en Heindrick Aertsz. (10 morgen). Het ligt voor de hand in deze per- sonen de erfgenamen van Pieter Dircksz. te zien: twee zoons (Cornelis Pietersz. alias Neel Dircksz., Lenaert Pietersz.), een schoonzoon en twee kleinzoons (Hendrick Aertsz., gehuwd met Lijsbeth Pieterss, met hun zoons Jan en Aert Hen- dricksz.). Het totale oppervlakte dat door de erfgenamen in 1543 in de Hillepolder werd gebruikt was veel groter dan de 12 morgen waarvan Pieter Dircksz. in 1549 eigenaar was, maar dit kan in de tussenliggende periode door koop of pacht zijn uitgebreid. In het archief van het Huis te Warmond, aanwezig in het Leidse Gemeentearchief, bevinden zich stukken die betrekking hebben op landerijen in West-Barendrdcht, afkomstig van de familie van Beveren. Onder deze archivalia bevindt zich een akte van 5 juni 1527, waarin een zekere Dirc Adriaensz.Verhuel uit Mijnsheerenland verklaarde dat hij had verkocht aan Pieter Dricksz. in IJsselmonde, voor de ene helft, en Heij(n)rick Aertsz. "sijn swager"(=schoonzoon), voor de andere helft" "alle alsulcken uutterlant als hij had leggen(de) in Westbarendrecht genoe(m)t Jacob Damasz. ambocht bijttensdijcks". Het betrof bij deze koop vier percelen, alle gelegen in het ambacht van West-Barendrecht, strek kende van de Nyeuwendijck "then diepen toe", d.w.z. tot in het "diepe" van de rivier de Oude Maas. Vooral het eerste perceel is interessant, omdat als belenders van dit "uutterlants" worden genoemd: Aernt Heynricksz. van Dordrecht "mit Cornelis Dircksz. en(de) Leenert Piet(ers)z. sijn broed(er)s beijd(en) lant". In deze belenders zijn twee zoons van Pieter Dircksz. te herkennen, die in deze akte expliciet worden aangeduid als "broeders": Cornelis Pietersz. alias Corne- lis Dircks, en Leendert Pietersz. Overigens was mede-eigenaar Aert Heijnricxz. in Dordrecht beslist niet identiek met Aert Heijnen, die reeds was overleden in 1525: Aert Hendricksz. in Dordrecht was de grootvader van Margriet Wensen, de echtgenote van Cornelis Claesz. van Driel! Pieter Dircksz. heeft meerdere zaken voor het Hof van Holland moeten uitvechten. Op 13 maart 1521 werd door het Hof vonnis gewezen in de zaak tussen Pieter Dricsz., eiser, en Jan Jacobsz., baljuw van Zuid-Holland, die namens zijn vader Jacob Jacobsz. optrad. Het betrof een zaak waarin het "gebruik" van de korentienden van West-Barendrecht betwist werd. Pieter Dircksz. had aangevoerd, dat dit hem voor het jaar 1520 en de volgende zeven jaren toekwam. uit hoofde van een contract dat hij had gesloten met Jacob Jacobsz. Ook met de besturen van de polders in de omgeving van IJsselmonde had Pieter Dircksz. regelmatig onenigheid. Zo blijkt uit de rekening van het naburige Nieuw-Reijerwaard over 1528/1529, dat met "Piet(e)r Dirckss. mit sijnen volck" door de bode voor de heemraden had laten dagen, toen men een rechtdag had betreffende het "malen". In 1531 was opnieuw een geschil gerezen tussen dijkgraaf en hoogheemraden van Riederwaard, enerzijds, en Pieter Dircxzoen van den Hordijck c.s., anderzijds. Ditmaal ging het conflict over de kosten van het maken van zekere 200 roeden dijk "genaemt den Hordijck", "midt oick der huyeren vand(en) culck". Bepaald werd, dat de oude keur geldig zou blijven en dat Riederwaard een derde deel van de reparatiekosten zou moeten betalen, terwijl de rest verdeeld werd over de ingelanden "alsoe veel elcx voir zijn huijs, berge ofte schuere strect ende ooc bepoot, betheelt, ende besteken heeft, mit willigeboomen, onf anderssins". Met betrekking tot de huur van de Kulck bij de Hordijk, werd afgesproken "dat sij luijden oick betaelen sullen vanden culck de acht Karolus guld(ens) jairlicx". Iets over de activiteiten van Pieter Dircksz., gelegen buiten de directe verantwoordelijkheden van zijn functies in dorps- en polderbestuur, valt af te leiden uit een tweetal posten in de polderekening van Nieuw-Reijerwaard over 1531/1532. Hieruit blijkt dat Pieter Dircksz. 72 gulden ontving "vanden Horddijck te maken alsoo hij dat vanden hogen heeren angenomen heeft" Overigens was bij gelegenheid van deze aanbesteding voor een flink bedrag verteerd, namelijk voor 5 gulden en 2,5 stuivers. Pieter Dircksz. huwde met N.N. Cornelis van Drielsdochter; Geboren naar schatting rond 1460 te IJsselmonde. In 1493 had "Neel van Drielsdochter" 14 morgen land in Slikkerveer gehuurd van de voogden van Ariaentje Willems Fijck, een weeskind uit Rotterdam. Dat de vrouw van Pieter Dircksz. een dochter van Cornelis (Dircksz.) van Driel moet zijn gweest valt af te leiden uit een reeks aanwijzingen: Allereerst het feit dat de nakomelingen van haar zoons Cornelis "de oude", Cornelis "de jonge", maar ook van haar dochter Lijsbeth, de familienaam Van Driel gingen voeren. Een tweede sterke aanwijzing is, dat twee zoons van Pieter Dircksz. de voornaam Cornelis hadden, waarbij opmerkelijk is dat een van hen, Cornelis Pietersz. de oude, verschillende keren getooid werd met het alias "Neel Dircken". In hem was Cornelis Dircksz. van Driel alias Neel Dricksz. met zijn volledige naam, d.w.z. inclusief patroniem, vernoemd!. Een derde belangrijke aanwijzing is gelegen in het feit dat de landerijen en bezittingen van de nakomelingen van deze dochter van Cornelis Dircksz. van Driel naast of in de directe nabijheid lagen van bezittingen van de Ridderkerkse leden van het "oude" geslacht Van Driel, die eveneens van Cornelis Dircksz. afstamden. Het vierde gegeven dat tot deze conclusie heeft geleid is, dat tussen de diverse "takken" nog lang banden hebben bestaan die geleid hebben tot het onderling optreden als doopgetuige, borg, voogd, etc. [Zie: Drie verwante geslacht Van Driel, (Zuid-Hollandse eilanden, ca. 1350-1650) door C.Sigmond en K.J.Slijkerman]. | Dircksz, Pieter (I21870)
|
| 27200 | Pieter Jacobss wedr. van Adriaentjen Willems, met Dijngentje Claes, wede. van Jacob de Vos, beijde alhier woonachtich. Bevesticht den 28 Decemb. 1655 https://archieftholen.nl/onze-bronnen/bladeren-in-archiefbronnen/registers/097a6ddf-c8f9-4cac-ac5b-982ccda308cc | Gezin: Pieter Jacobse Slager / Dingetje Claes (F827)
|