| Aantekeningen |
- Hindrik Jans Bierling en Anna Jans verkochten op 2 november 1796 aan Klaas Helder een behuizing met twee hoven erachter ten westen buiten de Herepoort, doende tot grondpacht aan het Anthonygasthuis jaarlijks ƒ 17.10.0, voor ƒ 3225. Zwetten (belendingen) waren ten noorden Hindrik Rijkens, ten oosten de Heereweg, ten zuiden de Davidssteeg en ten westen de weduwe van Harm Leeffers.
De naburige behuizing was dus in bezit van Roeberdina Derks, weduwe van Harm Harms Leeffers; dit buurpand, waarvan de omschrijving verder volledig identiek was aan de vorige, kochten zij op dezelfde dag terug voor ƒ 2700. Dit was althans de volgorde waarin de akten werden ingeschreven; het lijkt waarschijnlijker dat het om hetzelfde pand ging, dat zij op één dag kochten en tegen een hogere prijs weer verkochten.
Zelf zullen ze niet in de stad hebben gewoond; hun kinderen werden in Noordwolde en Sauwerd geboren, de oudste onder patroniem, de overigen als Beerling. Het kan zijn dat er dopen ontbreken; de reeks is niet gesloten, zo is er ruimte omstreeks 1798 en 1805. Hoewel van Noordwolde, Wetsinge en Sauwerd begraafboeken aanwezig zijn, vond ik nergens een sterfgeval betreffende dit gezin genoteerd. In Noordwolde bewoonden zij een 'plaats', ofwel een behuizing met een lang achterhuis, gelegen onder Noordwolde aan de Woldijk, met de beklemming van 55 grazen land; doende tot vaste huur aan Alberda van Bijma jaarlijks ƒ 140. Een derde gedeelte daarvan hadden ze begin 1790 voor ƒ 1024 aangekocht van het echtpaar Lucas Claassen en Jantie Jans, mede-eigenaarsvan deze moeskersplaats waren Tonnis Kampers en Harm Rijkens.
Dit verkochten zij op 10 januari 1797 (deze datering klopt met de lokatie van genoemde dopen) voor ƒ5800 aan Derk Rennes en Trijntjen Pieters. Daartoe leenden de kopers diverse bedragen van Reinder Reinders als voormond over de kinderen van Pieter Folkers en Aafke Derks, alsmede van Lammina Dr(i)ewes, zodat het hele bedrag in mei 1797 was voldaan.
|